Psalms
Chapter 56
Dutch translation
1Ontferm U over mij, O God, want de mens tracht mij te vernielen; dagelijks valt hij mij met gruwelen aan.
2Mijn haters zijn steeds gereed om een einde aan mij te maken; grote menigten verheffen zich tegen mij.
3In de tijd van mijn angst zal ik op U vertrouwen.
4In God zal ik Zijn woord prijzen; in God heb ik mijn hoop gesteld; ik zal niet vrezen wat het vlees mij kan doen.
5Dagelijks maken zij misbruik van mijn woorden; al hun gedachten zijn tegen mij tot kwaad.
6Zij komen samen, zij loeren in het verborgene, zij gade slaan mijn stappen, zij wachten op mijn ziel.
7Door het kwaad zullen zij niet vrij uitgaan van straf. In toorn, O God, maak de volken klein.
8Gij hebt mijn omzwervingen gezien; leg mijn tranen in Uw fles; staan zij niet in Uw boek?
9Wanneer ik tot U roep, zullen mijn haters zich terugtrekken; daarvan ben ik zeker, want God is met mij.
10In God zal ik Zijn woord prijzen; in de Here zal ik Zijn woord prijzen.
11In God heb ik mijn hoop gesteld, ik zal niet vrezen wat de mens mij kan doen.
12Ik gedenk mijn schuld aan U, O God; ik zal U de offers van lof brengen.
13Want Gij hebt mijn ziel uit de macht des doods gered; en mijn voeten behoed voor de val, opdat ik voor God wandele in het licht des levens.
Journal this passage
Reflect on Psalms 56 with HolyJot — free Scripture journaling available in 18 languages.
Start journaling free